Woordenlijst Voorne-Putten (versie 28-09-2025)

Deze woordenlijst is samengesteld uit andere eerder gemaakte lijsten, uitgeschreven verhalen en teksten die veelal door vrijwilligers van dialectwerkgroepen uit de verschillende historische verenigingen zijn gemaakt. Die bronnen zullen in een apart overzicht worden vermeld. De lijst bestaat uit een mix van zelfstandige naamwoorden, werkwoorden, lidwoorden, korte uitspraken e.d. Aan het eind zijn ook hele zinnen, uitdrukkingen, scheldwoorden en gezegden opgenomen. Die lijst zal de komende tijd worden uitgebreid met volledige zinnen zodat ook de context duidelijk wordt waarbinnen dialectwoorden werden gebruikt. Er is zo weinig mogelijk gebruik gemaakt van leestekens of fonetische tekst. Ook omdat in en tussen de bronnen verschillende schrijfwijzen zijn gebruikt.  Over de schrijfwijze kan dus worden getwist. Alle verbetervoorstellen en bijdragen zijn welkom.

woordenlijst dialect betekenis
aarfdeel erfenis
achterankommertje nakomertje
achterkontig achterbaks
achtermekaor achterelkaar
achterof kikke terugkijken
achterutboere achteruitgaan
aeker aker (putemmer)
aerepel(s) - aerpel aardappel(en)
aerepelpit aardappelkuil
aesem adem
aevondgassies sneeuwklokjes
affrontere beledigen
afgewindde wind gaat de andere kant op
afdorrenmoe worden - inzakken
afleggenafzetten - belazeren
afvallentegenvallen
aagh oog
ahreppol (errepol) aardappel
aige zelf
ajje au
akkedere samenwerken -overeenstemmen-accorderen
akkie als ik je
allewijl tegenwoordig
alleejnig - allin alleen
alteraosie nervositeit - een hele toestand
althôsaltijd
alzeleve stellig
amborstig kortademig
an aan
anbringe aanbrengen
anderste anders
andivvie andijvie
andoenlek ontroerend
angeklîd aangekleed
angeraje aangeraden
angewindde wind komt deze kant op
anhalen naar zich toetrekken - verwijzen
anhark'n aanharken
anklîje aankleden
ankomme aankomen
anlange(n) aanreiken
anlaoie aanslag vormen
anloete aanaarden
anpesant - ampersantondertussen - intussen
anpeze hard werken
anpoate aanpoten
anraoie aanraden
anrecht aanrecht
anrikke aanreiken
anrikkemendere aanraden - aanbevelen
anrivve aanharken
anwizze aanwijzen
aog oogst
aorepelpit hoop afgedekte aardappelen (tegen vorst)
aparteling buitenbeetje
appelesien(e) sinaasappel (s)
apperepo interrumperen
apteek apotheek
arebeie aardbeien
arrebeiers arbeiders
arreg erg
arreme arme
arretikker arrenslee
arrus anders
as als
asdat als dat
ashere vuilnismannen
asseter als het er
assiebak asbak
assut als het
aste als de/het
aster als er
astrant brutaal
atte hebben gegeten
avigaosie rompslomp - een heel gedoe
azzie als je
baak pit (in een vrucht)
bahme bomen
bakkes gezicht
bakkie schoteltje
bakkie leut kopje koffie
bamis oktober
banjer heer opschepper
baogerd boomgaard
bast lichaam
bedoejinkie huisje (met erf)
bedrif - bedriffie bedrijf - bedrijfje
beeje mal! welnee. stel je niet aan.
begaziedreger bagagedrager
begrippe begrijpen
beije beide
bejaat wel ja
bejje ben je
bekant bijna
bekikke bekijken
bekruwe naar adem happen
belhee! uitroep van blije verrassing: “wat fijn om je weer te zien!”
belîvvenis belevenis
bel - beljaotverassing - nadruk - welja
bel neehnt ! welnee
ben mandje
benauwdbang
beneeje beneden
benne zijn
besloge beslagen (hoeven van paard)
beslogen beslagen (glas)
bestee bedstee
besukkerd mal - gek
betuum asfalt
beuren verdienen - ontvangen van geld
beuzum boezem (watergang id polder)
bevertjes siergras in een vaas op tafel
bevobbeld bijvoorbeeld
bewis bewijs
bewissie bewijsje
bewizze bewijzen
bezonders bijzonders
bhaom boom
bhin been
bhist beest
bhojjum bodem
biest koemelk na het kalveren
bieteriek riek voor bieten
bij jaat - bel jaat wel ja
bij mekâer bij elkaar
bijnint wel nee
bikkele knikkeren
bin zijn (werkwoord)
binge stuk touw
bink ben ik
binnekomme binnen komen
bissies beestjes
blai blij
bláksie bliksem (scheldwoord)
blauwbekke rillen van de kou
bleikgrasveldje voor het bleken/drogen van de was
blentere huilen
bleve blijven
blíkskaters! uitroep van verbazing
blom bloem
blomme bloemen
blommetun bloementuin
blôôt zonder poespas
bluvven blijven
bo boterham
boat boot
boeltje boerderijtje
boertjesprimula's (bloem)
boezeroen overhemd - werkhemd
boite buiten
bôjem bodem
bokki bok
bonker korte dikke jas (jekker)
bonksem bunzing
boo boterham
boord plank - kastplank
boortig overvol
booschoppe boodschappen
borstrok hemd
bout vlees (van de jacht)
breeveertiende verkeerde kant
boutschieter (eenden)jager
braken land onbewerkt laten
brannekel brandnetel
bringie breng je
broenekel brandnetel
broes kwaad - pissig - gepikeerd
brog bracht
brun bruin
brunne bruine
brunne boane bruine bonen
bruul omheinde wei
búchele hoesten
buk buik
bunder ca. 1 hectare land
bunzig afkerig, beetje bang voor
burrie om een paard of hond voor een kar te spannen
buten buiten adem - moe
butte buiten
butte durp buiten het dorp
buttedeur buitendeur
buttegeweun bijzonder - buitengewoon
buttekant buitenkant
butteland buitenland
buttelans buitenlands
buttepolder buitendijks land
butter boter
buuk buik
cente geld
centje steke spelletje
daer daar - er
dagloaner dagloner - landarbeider - seizoen werker
daije dat je
dak dat ik
dakwin regenwater (van het dak)
damme dat wij
daod dood
daope dopen (geboorte)
dâor daarginds
doargunterdaar - ginds
darreme darmen
dat likkunt op dat lijkt op
datteze dat ze
dauwe duwen
dazze dat zij
de baon beetde gang er in hebben
de hort op op pad
de kik eten zich onwel eten aan iets
derdesde derde
de pad de weg
de rustwelterusten
de val hebben op tijdelijk veel belangstelling hebben voor
dee - deej - deeje deed - deden
dêêmele trappelen (paarden)
deemsterig mistig
dekus dekens
de(n) briel Brielle
derm akelig persoon - minpunt
dermee er mee
derna er na
derof er af
derrum darm
dertusse er tussen
derut er uit
dessel deksel
deur door
deurgaan doorgaan
deurgedrait doorgedraaid
deurkikke doorlezen
deurloapend doorlopend
deuze deze
dhánnig klam
dhil deel
dhôos doos
dhur door
die hij - zij
dik dijk
dikkels vaak - dikwijls
dinke denken
dinker denker - geleerde
dinkers geleerden
dinkie denk je ?
dinkterom denk er om
dinsus dinsdag(s)
dirkiespeer klein soort peer
doape dopen
doar daar
dochte dachten - dacht
doek altid doe ik altijd
doen bevestigend woord - ik doe eerst schoonmaken.
doende bezig
dog dacht
dollast - moeite
donderus donderdag(s)
dooilingsaaie pier
doojd dood - gedood
doorlappen verkwisten
doppe tarwevliezen (bij het dorsen)
dorebeie kruisbessen
dorebijeschijter rotterdammer
dors(t) durfde
dorse durven
dorsmesjiene dorsmachines
dorste mochten
dorsvleujg - fluij dorsvlegel
douwe duwen
d'r er
dr binne dur er zijn er
dr door lappen verkwisten
dr ut er uit
drââog droog
draf dierenvoer - afval
draje draaien
draoit draait
drek direct
driepitte driepits petroleumstel
drinkeskrukkie kruikje voor drinken op het werk
drivve drijven
drivvertje schaaltje met olielampje
dronkig dronken
drussezeuren
duchstbijstaande dichtstbij
duchte (bai) dichtbij
duf duif
dul dol
dum - dumpie duim - duimpje
dumdrop duimdrop (snoep)
dun de
dunhussie duinhuisje
dunmier bewoner van het duingebied
dunne duinen
dur er uit
durp - durrep - durpe dorp - dorpen
durpel drempel - dorpel
durpshus dorpshuis
durpstael dorpstaal (dialect)
durrepel drempel
dúrrup het centrum (van de woonplaats)
duster duister-donker
dut dat ze
duuzend duizend
dweilvervelende man
eegt – eegie - eegdes eg – eggen (landbouwwerktuig)
eejnder eender - gelijk
eejne ene
eendekrhos kroos (waterplantje)
eewes grond langs een watergang
effe - effies even
eierdoor eierdooier
eige – me eige zelf - mijzelf
einje stukje
ellewaar lap stof
enkelde enkele
er an geweest zijn er aan gezeten hebben
erm arm (geen geld)
ermgoard ermgaard. zoete stoofappel voor appelmoes
errebeier arbeider
erreg erg
érrem arm
erreme armen = arme
erremoe armoede
errugus ergens
errumpie armpje
ervan borsten in grote hoeveelheid aanwezig zijn
fachels flarden
faerbank weegbrug voor bv bieten en vee.
fantekast slordig persoon
febriek fabriek
feest afdakje van stro op een hoop aardappelen
feitedaal gekonfijte dadel
fhist feest
fiedelevioolspelen
fielesetere feliciteren
fier vuur
fietelefors - fiebeleforssnel - haastig iets doen
fiissie feestje
fiist feest
flauw niet zout genoeg
flet muurbloem (violet ?)
flimme flemen
floks herfst sering (phlox)
flors scheut (water of melk)
fluijvlegel (dorswerktuig)
fluje vlegelen (met de dorsvlegel)
fok bril
fokkie boerenhondje
foksere forceren
frijdus vrijdag(s)
frok trui
frommes - vrommes vrouw (van enige statuur) zie ook vrommes
frontje bef - half hemd voor om de hals en borst
frullie meisjes - vrouwen
frutje kleine hoeveelheid
fuul geldzak (van portefeuille)
gaars gerst
gallege bretels
gállege (galgen) bretels
garst gerst
garstig ranzig (spek)
gauwe gouden
gebooie geboden (van tien geboden)
gebraaie gebraden
gebreejuh gebreid
gebrek laie arm zijn
gebrocht gebracht
gebrukt gebruikt
gedoch gedacht
gedocht gedacht
gedrâoid gedraaid
gedroge gedragen
gedrooge gedragen
geejve geven
gekomme gekomen
gekrojje gekruid (met een kruiwagen)
gelaaije geladen
geleje geleden (lang geleden)
gelik gelijk
gelôape gelopen
gelud geluid
gemet - metgemeten - oppervlaktemaat
gemorke gemerkt
geneens geeneens
genog genoeg
geprovegeproefd
gerhisschop gereedschap
gernet garnalen
gerocht geraakt
gerope geroepen
gerve stokken voor erwten
gesloge geslagen
gesneje gesneden
gespoge gespuugd
gestraopt gestroopt
gesturreve gestorven
gevroge gevraagd
gevurft geverfd
gevurrufd geverfd
gewarrekt gewerkt
geweun gewoon
geweund gewoond
geworre geworden
gewûn gewoon
gezeid gezegd
ghin geen
ghordop domkop
gin geen
glik gelijk - meteen
globberengalopperen
goed goederen
goeie butter roomboter
goeiemurrege goedemorgen
goejd goed
gong ging
goot voordeur in de keuken in boerenwoning
goornatdom persoon
gors - gorze stuk buitendijks land - getijdenland
gorseboer - gorzeboer bewoner van buurtschap Het Gors
gortepap pap van gerst
graf begraafplaats
grasie garage
graskulle kuil voor inkuilen van gras als veevoer
grhos trots
gries(t) allereerste melk na het kalven
griete meiden -vrouwen
gringel grendel
grip greppel
grippeschitters Inwoners van Rockanje (scheldnaam)
groeien dikker worden
groep afvoergoot in de stal voor gier
grunne groene
gullik gelijk
gunter - gunder daar
gunterwijt daar in de verte
gurdin gordijn
haekmust gehaakt mutsje van katoen
hahg hoog
hahge hoge
hai hij
hak lange schoffel
hakbil hakbijl
halskeels met uiterste inspanning
hanze hadden ze
haog hoog
haoge hoge
haop hoop
haopie hoopje - tas stro
harretje kier in het raam - op een kiertje zetten
harrevoet hellevoetsluis
harruje kiertje
harses hoofd
hattie had hij
heb heeft
heb erreg pas op - voorzichtig
hebbe hebben
hebbie heb je ?
heef drukke periode
heh heb
heije heb je ?
heit heeft
hek - heik heb ik...
hekketje hekje
hemme hebben we
hen hebben
hep heeft
heppet heb het
herses hersens
het heeft
hettieheeft hij
heul brug - waterdoorgang in een dijk - oprit
heures Horens (van koeien e.d.)
hewwe - hiewe hebben we - hadden we
hieroow hier
hiet heet (heten)
hiette heette
hiew hield
hiht heet
hij ister van deur hij is weg
hillemael helemaal
hingellat vishengel
hit paard
hittekar paard en wagen
hoage hoge
hoeneerwanneer
hôage bôame hoge bomen
hoat hoofd
hoefizzer hoefijzer
hoep hoepel (voor vaten)
hoepe hoepels
hoepschuur schuur voor het maken van hoepels
hoeveul hoeveel
hohd hoofd
hokken samenwonen
hôôd hoofd
hoordenie hoor je niet ?
hoordiede hoorde hij
hoorie hoor je
hôôtpeul soort hoofdkussen
horik rug (van een varken)
hoteldebotel overspannen
houwe - hiew - gehouwe houden - hield - gehouden
hullie hun
hullies van hen
hurfst herfst
hurfstaster chrysant
hus - hussie huis - thuis - huisje
husdokter huisarts
hushouwe huishouden - gezin
hussies huisjes
hussouwetje gezinnetje
hut het
huvverig bang
huzze huizen
ie hij
iederhín iedereen
ihn enkel - een
ik zellet doen ik zal het doen
in en
in 't lest op het laatst
indinke indenken
ing eng
ingels engels
înkel(t) enkel - alleen
inkol enkel (lichaamsdeel)
inpikke aanpakken
ister is er
izzer ijzer
jakker haast - haasten
jao ja
jaor jaar
jappel aardappelen
jee je - jij
jeej jij
jhugd jeugd
joe vaarwel
jok jeuk
jongus jongens
joo jij
jooi breedte van een werkstrook door een (land)arbeider
joppen spel van mannen (blokken gooien)
jun ui - uien
junbukker inwoner van Zuidland
k moggum ik mocht hem wel
kaatje dijkje
kacheltje klein paardje
kaik kijk
kallef kalf
kalversoag margriet (bloem)
kameroas vrienden
kanne kunnen
kannehein rek voor melkbussen
kanthooi gras langs de wegkant
kaokke kokhalzen
kaontje kaantje - uitgebakken spek
kaope kopen
kaopie een kleine hoeveelheid (brandhout)
kaorejut karnemelk
karetje kaartje
kassieslui marskramers
kauwen bijnaam voor Oostvoornaars
kejje kan je ?
kenaal kanaal
kenne kunnen
kepot kapot
kermenaje karbonade
kerruk kerk
ketepak ketelpak - overall
keurij
keutjesmart varkensmarkt in Brielle
keuvel klederdracht muts voor vrouwen
keuvelekletsen - praten
khaaj binnendorps water
khappe kopen
kharremelk karnemelk
kharsies kaarsjes
khol kool
khukke keuken
kieke kijken
kiep hoed op een keuvel (klederdracht)
kiind kind
kijere wandelen
kik kijk - zie
kikke kijken
kinders kinderen
kippes kip
kittig veel - vele
klaermaeke afmaken - klaarmaken
klarancie maken opruimen - (voor het slapen gaan) - klaarmaken (om weg te gaan)
klassinerendruk over iets redeneren
klauwen krabben
klêejt = kliit kleed - kleding
kleever klaver
klereleier gemeen persoon
klesmijer kletsmajoor
kleure kleuren
kleverrooidoppe bloemen van de rode klaver
klevertje klavertje
klinket deurtje in een grote schuurdeur
klis - klusheleboel - veel
klissen smijten
kloen sjet kluwen sajet
klus kleine hoeveelheid - klussie -
klut kluit
knechs knechten
kneitererg groot
knhap knoop
knin konijn
knust hand
koal kool
koetsbed
koape kopen
koddebeier - kottebeier veldwachter
koebistkoe
koekebak pannenkoek
koekoek dakkapel
koele kuil
kojje kan je
komme - gekomme komen - gekomen
kommóf afkomst
komp dur komt er
kôôn wang
koperasie coöperatie - kopen
korsebollen kerstbroodjes
korsemus kerst - kerstmis
korsie korstje
kort bij dichtbij
kozin kozijn
kraaien Inwoner van Oostvoorne (scheldnaam)
krappie krabbetje - varkenslapje met been
krek precies
krek iinder precies hetzelfde
kriggie krijg je
kring kreng
krikkruk
krit krijt
kropkropbrood - bruin brood
kroskaros - open wagen op vier wielen
krossenrennen
krote rode bieten
krukkét kroket
krummels kruimels
krúnneut nootmuskaat
krus kruis
krussie kruisje
krut kruit
kuiere wandelen
kukke kuiken
kunne - kennekunnen
kunnhíl kaneel
kup kuip (ingemaakt vlees)
kurremis kermis
kussebutter spekvet met stroop
kuzzín kozijn
kwamme kwamen
kwammie kwam je
kwarchagrijnig iemand
kwassur ik was er
kwiem kwam
kwille kwijlen
kwiksnel en beweeglijk
kwit kwijt
kwikkiesstaartjes in het haar
laachie laagje
ladderzijschot op een landbouwwagen
lagge lagen
laie lijden
lame laten we
landerbeiers landarbeiders
landschoene werkschoenen
langen -lanken iets pakken, halen of aanrijken
laope - laopes lopen - lopend
legge liggen
leit ligt
lessie spelletje
leut vermaak - plezier
levendig levend
lierenloeien (kachel, machines)
lif lijf
lifschoan slank
lim lijm
limmenade limonade
lingte lengte
list lijst
loape lopen
loet gereedschap om lijnen op het land te trekken
lône lonen
loojn loon
lookies uitlopers (aan een struik)
lorre kleding
loslivvig te gemakkelijke stoelgang hebbend
lucht fris - lekker fris weer
luk luik voor het raam
lumhumeur
luster luister
lustere luisteren
luur luier
maandus maandag(s)
maaneschitter grote bromvlieg
magge mogen
main van mij - de mijne
mainse mensen
majn man
mallek melk
mallekfebriek melkfabriek
mangele knippenamandelen knippen
mandes manden
manse mensen
manteling beplanting als afscheiding
mâoie maaien
maoimesjiene maaimachine
maor maar
maorel merel
mar maar
marjeniers mariniers
mart markt
massienaal machinaal
met
medernste modernste
meelhappe meevallen
meelij medelijden
meezikke muggen
meides meisjes
mekaor elkaar
mekander elkaar
melkweitpaardebloemen
mennen met paard en wagen werken - binnenhalen vd oogst
mer maar
merakels bijzonder
merreke - gemorkemerken - gemerkt
merinewurref marinewerf
merregeriene margarine
mesines machines
met - meet halve hectare land (van: gemeten)
metroze matrozen
meueroddelaar
mettie met de
meugelik mogelijk
meule molen
meuter motorfiets
meziek muziek
mezik mug
mezikkenpis motregen
mhagge goedemorgen
mhart maart
mhulle - meule molen
met
midde midden
min mijn - mij
mîne menen
minke veel of erg
minnehûs bejaardenhuis
mins mens
mis mest
mis rijen mest wegbrengen
mispit mesthoop - mestvaalt
mist mest
mit met
mizik muggen
moalik vogelverschrikker
moes moest
mog vlieg
mogge we mochten we
moggie mocht je
mokkerig broeierig/klam (weer)
mondurgel mondharmonica
monnie moet niet
morke merken
mosmus
mossiepik meikever
mozzie moest je
muddes zakken aardappelen
mulenaer meikever
mulwurf veenmol
mun mijn
murg gaar (aardappels)
murgeochend morgenochtend
murrege - merrege morgen
mushondje wezel
mussie muisje
mussienes machines
muzzenist muizennest
must muts
na ver
nadinke nadenken
nae naar
naoimesjiennaaimachine
naest naast
nagelgrus kruisnagel
neef mug
neepiesmus muts met plooitjes (rouwkeuvel)
neergelege neergelegd
neetenikkwaadaardig iemand
neffe naast
netjesdernetter
negosiante handelaartjes
neut slok of glas sterke drank
neuten noten
nêêhjnt wel nee - nee
nhoddig nodig
nee
nie niet waar ??
niemeer niet meer
nik nek
nikkestaort trechtervormige wervelwind
nipnaors gierigaard
nipper wasknijper
nissie nestje
nist bed - nest
noardende noordeinde (straatnaam)
norreme normen
nou een aanstaande
nûs neus
nûsdoek zakdoek
nuzzin azijn
oekebevestiging
oage ogen
oap open
ongansonmatig
oeleketoetstommeling - oen
of af
ofgebroke afgebroken
onheusoneerlijk
ofheine afbakenen van een stuk land
ofstandje afstandje
oggent ochtend
okkernootwalnoot
oliemanne olienootjes - pinda's
olieneute pinda's
om booschoppe gaan boodschappen halen
ommers immers
onderlestlaatst - pas geleden
omschoppen omstoten
onneus oneerlijk
okkernootwalnoot
onterdviespeuk
opbrengenopvoeden
onte vies
onte vulle(n) derrum viespeuk
ontekadet viezerik
oop open
opoe herfstvrouw die er grauw uit ziet
opperin 't opper - uit de wind
opstoppenstoppen (zullen we hier even stoppen?)
op 't letsttenslotte
op staan genoteerd staan
op tid op tijd
opdoffer klap
opgerumd opgeruimd
opoe oma
oppere sjouwen
opschrivve opschrijven
op strang op het strand
ouwe oude
ouwe memmel iemand die alles door elkaar haalt
ouweravonde ouderavonden
ouwers ouders
paaje paden
paeretjepaardje
paerdeboon tuinboon
paese dunne jaarlijkse kermis in Oostvoorne - paaskermis
paeseblom narcis
paesebroad krentenbrood
pah in moe vader en moeder
paord paard
pâorde paarden
paorspitje vroege aardappelsoort
peenjus worteltjes
peentjeprak hutspot
pekke manier van tarwe oogsten
pieneriezorgen - problemen
pelisie politie
pere peren
pesant tegelijk - ondertussen
péssie verkoudheid
petoete spelletje
peurder visser op paling
phard paard
phot poot
pieke-wijd heel ver weg
pierewaaier veel feestend persoon
pietereuliestel petroleumstel
pijpestelen stikken spelletje waarbij met stukjes kleipijp werd gegooid.
pin pijn
pin int hoht hoofdpijn
pip pijp (roken)
plak plek
pookiebuikje (vol gegeten)
plakkie plekje
plantij altijd - je kan er op rekenen
puggeldikke buik
plee toilet
pliessie politie(agent)
poate poten
poele rietsigaar - lisdodde
poer kwijt
poesuh poetsen
poffe geld lenen
poote voeten
prizze aanprijzen/keuren/proeven van vlees
pront wif knappe vrouw
pubbhirre proberen
pulle potten of vazen
pun puin
puppe pijpen (roken)
putrís - putrizze patrijs - patrijzen
raeke raken
raekspek gerookt spek
raepknol knolraap
raethusgemeentehuis
ragge stoeien -rennen
raken - gerochtraken - geraakt
rap snel
rebatje gordijntje
redikuul handtasje
rekajje - rokajje rockanje
repelen vlas van de zaadbollen ontdoen
restauratie restaurant - herberg
rinnewere - verinnewereruineren - vernielen
rezinne rozijnen
rhar raar
rhod rood
rik rug
rippereren repareren
rishout wilgenhout - rijshout
risse rijen
rist rijst
rivve harken
rôake roken
roakspek gerookt spek
rocht - gerocht raakte - geraakt
roer vracht - partij hooi
rog raakte
rokkenees inwoner/geboren te Rockanje
rooiekohl rode kool
rot rat
rotjeknor Rotterdam
rotte ratten
rouwdouweriemand die grof en ongevoelig is
ruddís radijs
rukkaijes streektaal van Rockanje
rukke ruiken
rum ruim
rumpte ruimte
rumte ruimte - kamer
run ruin - gecastreerde hengst
rut ruit
rutjetikke ruitje tikken (kwajongensstreek)
rutte ruiten
salder zolder
saterus s-zaterdags
saterusavus zaterdagsavonds
saves - savus s-avonds
schaasse (rije) schaatsen
schaof oogst
scheerdelf sloot
schelve schoven vlas- tarwe
schelveringetjes walletjes om landbouwgrond in de duinen
scharvelingen stukjes landbouwgrond tegen de duinen
schepies scheepjes
schielijk plotseling
schiftig druk - nerveus
schijsele uitglijden
schilletje citroenjenever
schingel schommel
schivve plakken
schobbere schooieren - zwerven
schoer schouder
schoer schouder
schompen eten
schootje een kleine hoeveelheid
schreeuwe huilen
schrepel wiedijzer - om te wieden
schrivve schrijven
schuffie schuifje
schulle schuilen
schum schuim
schutteldoek vaatdoek
segaore sigaren
semie chemische industrie
seumers s-zomers
simmesave Simonshaven (dorp)
simmesok Simonshaven (dorp)
skoene schoenen
slachtzooitje verzameling vleessoorten
slaon - geslogeslaan - geslagen
slaggies stukjes (overschot) van net geslacht vlees
sland Zuidland
slandenaar inwoner van Zuidland
slands Zuidlands dialect
slap lenig
slegge grote houten hamer
slhot sloot
sliklap broekbeschermer voor vuil werk op het land
slitte slijten
sloeber arm mens
slus sluis
slussie sluisje
smaendes s-maandags
smiddes s-middags
smoutsmeer - olie
snapschuttel opschepper
sneeje sneden
soches s-ochtends
soebatte smeken
soet zoet
sondessavus s-zondagsavonds
sondus zondag(s)
sondussmiddes zondagsmiddags
speejk spaak (van een wiel)
spekblok hakblok (van de slager)
spekkup kuip voor ingezouten spek
speule spelen
speulgoed speelgoed
spikkeloassie speculaasje
spikkenís spijkenisse
spikkenissies spijkenisse streektaal
spikker spijker
spin keukenkast
spinzenergens erg naar verlangen - kan niet wachten op
spogspuug
spoege braken - overgeven
sprakke spraken
sprut spruit
sprutte spruiten
spûle spelen
stane me staan we
staom stoom
staon - stingstaan - stond
stap houten vlonder boven een sloot
stapoate rechte vormeloze benen
starrek sterk
stee boerderij
stif stijf
stik stuk - stuk brood - boterham
stikkedhos broodtrommel
stikkezak broodzak - voor stukken brood
stikkie stukje
stikkie spek stuk spek
sting stond
stinge stonden
stissel stijfsel
stoartmust klederdracht muts voor zondags
stooter daas (steekvlieg)
stoppen bij elkaar op bezoek gaan
strakkies straks
strang strand
strangen naar het strand gaan
strant brutaal
strao strook land - stro
straope stropen (wild vangen)
stoepweg tegen de dijk op
strije van mening verschillen
strikizzer strijkijzer
stroamdraje stroomdraden
strukke struiken
stufakker buurtschap stuifakker
stufzand stuifzand (duinen)
stuvver stuiver
sukker suiker
sukkerbiete suikerbieten
svore oostvoorne
svores oostvoorns dialect
t stik per stuk
t wassur het was er
tachentigtachtig
taddek viespeuk
taeling steun voor platglas in de tuinderij
takkebosse brandhout
takkenbossen weinig voortgang maken (maar druk doen)
tan dan
tándenpoes tandpasta
taort taart
tarrow tarwe
tashooizolder
tat dat
teemszeef op een melkbus
teguswoordus tegenwoordig
't ende anuitgeput
temee straks
têne wilgentakken - tenen
terecht terug
terrewe tarwe
terro tarwe
teruggekomme teruggekomen
teuge tegen
thaj taai
thart taart
thois thuis
thuus thuis
tid tijd
tikkie stukje
til zoldertje voor hooi of stro - tilletje
tillevisie televisie
ting tijding - nieuws
tipsie aardbeienmandje van houtstroken
tit tijd
tjierepus gek
toeterloffluitekruid
tobberdzielepiet
tochtig willig - bronstig
toe dicht
toen hamme toen hadden we
toeters fluitenkruid
tot zich zellevers kome tot zichzelf komen
tot zn eige kome tot zichzelf komen
tras (zie ook wel) waterput
trekker tractor
tremmetje tram (rtm)
trouweeltroffel (metselgereedschap)
trouwes trouwens
trugkomme terugkomen
tug tuig
tummere timmeren
tun - tunne tuin - tuinen
tunder tuinder
tunderij tuinderij
tunne tuinieren
tûntje tuintje
turfje dik lekker dik spek
tus thuis
tutterentoeteren - claxoneren
twahluf twaalf
tweediepen 2 spaden diep spitten
tweeje (met zijn) tweeën
twii twee
twintondertussen
tzewwel het zal wel - echt waar?
uggehaald uitgehaald
uggelege uitgelegd
uggescheje gestopt
ul uil
ulskukke uilskuiken - domoor
um hem
un een (onbep. vnw)
úrgol orgel
urkedurker vreemd persoon
urreve erven
us eens
usslag uitslag
ut uit
utdreger drager (sjouwen van bossen riet)
ut likkent op het lijkt op
utbreie uitbreiden
utdrahjje op uitdraaien op
utgeklid uitgekleed
utgesturreve uitgestorven
utpakkenaflopen (hoe is het afgelopen) ?
utleg uitleg
utspraek uitspraak
utstappies uitstapjes
utterste uiterste
utvringe uitwringen
uurboord uierboord
vaak slaap
vaif vijf
van deur gaan weggaan
van je kassie gaan flauw vallen
vaoder vader
vaors vaars - 2 jarige koe
vaorstael vaders taal
varkeskost varkensvoer
varrekes varkens
vedder verder
veer ver
veintjeventje = kereltje
verdivverdasie vermaak - afleiding
vererremendonkerder worden - de lucht wordt steeds donkerder
vere snor wagen voor het melken
verkasse verhuizen - verplaatsen
verkeshok varkenshok
verknhúkkele verheugen
verkouwe verkouden
verlêe week vorige week
verloopveranderen
verouwelijkenouder worden
vérreke varken
verrinewere ruineren - kapot maken
verschene vorige
verschije verschillende
verstinge verstaan
verzurge verzorgen
vet ahg blauw oog
veugelvogel
vetweier koe uit de wei
veugelnissie vogelnestje
veul veel
veur voor
vhúggol vogel
vhul veel
vîiarts dierenarts
vijfpik korte rustpauze bij het werken
vinster luik voor het raam
vivver vijver
vlee verleden
vleis vlees
vlieges snel
vloerverreke (vulkblik in vloerverreke) stoffer (handveger) en blik
voader vader
voil vuil - gemeen
vollek volk
von vond
voog - gevogenveegde - geveegd
voor noppes werrukku voor niets werken
vors vers
vort vooruit
vrommes - frommes vrouw (van enige statuur) zie ook frommes
vrullie meisjes - vrouwen
vul vuil - onkruid
vûl veel
vulblik blik (en stoffer)
vulle vuile
vulle kring viespeuk
vulluk viezerik - vuilak
vullus vuilnis
vúlluskit vuilnisbak
vurf verf
vurk vork
vurkebak bestekbak
vurreve verven
wa dinkie wat denk je?
wa doggie wat dacht je
wa zeggie wat zeg je
waal meertje - wiel
waarow waar ?
waer WAAR
wag weg
wages wagens
wai weiden - weidegrond
waif vrouw
waizer wijzer
wal wel
wâoide waaide
warpook lastig mens. dwarsligger
warre waren
warref werf
warrigchagrijnig
warrek werk
wassoek was ook
waster was er
wat dinkie wat denk je?
watermesjien gemaal
watter wat er
wattis wat is (er)
wavvoore ? welke ?
wazzie was er
we binne we zijn
weeg(t) schuurwand met planken. zie ook wîg
weerom weer
weglôpe weglopen
wegthooi droog bermgras
wei weide
weie - wije wieden
weies weiden - weidegrond
wel waterput
weljaat wel ja
wellus wel eens
welneejnt wel nee (sterke ontkenning)
werkmense arbeiders
werm warm
wermte warmte
werre werden
werruk - werrek werk
wérrum warm
weune - weunde wonen - woonde
weze zijn
whunne (op) wonen (in)
windvegeropschepper
wier - wiere werd
wîg schuurwand met planken (potdeksel)
wijje wil je
wikke voederwikke (veevoer)
win wijn
windmeule wanmolen (om kaf van het koren te blazen)
wissie klein beetje stro of hooi
wizzen wijzen
woensus woensdag(s)
woordelissie woordenlijstje
worre worden
wot wat is (er)
wurf - wurref erf - boerderij
wurphingel werphengel
wurrum worm
wurveltje sluiting op de deur
zagge zeggen
zain zijn
zalle zal er
zaoie zaaien
zatedus s-zaterdags
zatte zaten
ze zeeje ze zeiden
zee zei
zee die zei hij
zeeje zei je
zeejkel sikkel
zeekered zeikerd
zeemel zeurpiet
zeje zeiden (van zeggen)
zeje ze zeiden ze
zekkie zal ik je
zelluf zelf
zemel zeurpiet
zeumer zomer
zeun zoon
zeveren zeuren
zhúmmer zomer
zhummerdikke zomerdijken
zhun zoon
zicht kleine zeis
zingemoedstoestand - slechte zin hebben
zichzellevers zichzelf
ziikuh zeiken - plassen
ziin hem
zîkel sikkel - werktuig om gras en hooi te wieden
zin zijn - hem
z'n aige zichzelf
zocht zacht (van structuur)
zogezeit zogezegd
zondes s-zondags
zone zonen
zouwe zouden
zukkezulke
zullie zij
zullies van hen
zullik zal ik
zun zijn (werkwoord)
zuppe zuipen - drinken
zurgstoel armstoel voor de heer des huizes of opa
zwaine varkens
zwâoie zwaaien
zwaoretje zwoerdje (gebakken spek)
zwarte hààgte naam van een duingebied
zwat bijna
zwhajje an zwaaien naar
zwhit-izzer fiets
zwingel zwengel

Zinnen, uitdrukkingen en gezegden Voorne-Putten

Zin, gezegde of woordBetekenis
as 't mot dan mot 't als het dan toch moet
assut donker wier als het donker werd
angeklid gaet utIemand in uitgaanskleding
aste kippes een sperwer zin binze benauwt als de kippen een sperwer zien zijn ze bang
azzik dattum anziet als ik dat aanzie
azzie bij machte was als je er toe in staat bent
baron van vlet op scheur polder iemand met veel praatjes
bij de kninne of wordt gezegd over een echtpaar dat veel kinderen krijgt
Bij iemand in de butter kunnen schijtenZich alles kunnen permiteren
bin tende ben aan het eind van mijn latijn - Moe
bin alles poer ben alles kwijt
binne de aorpels blommig in murg ? zijn deze aardappels kruimig en gaar ?
bit ie as ik um aai ?? bijt hij als ik hem aai ? (hond)
blauwbekke kou lijden
blij worre blij wordenb
bloht ingooien zonder poespas ingooien
Botje zonder galiemand zonder karakter - ruggengraat
broes weze pissig zijn. kwaad
butte aesem buiten adem - moe
butte durp buiten het dorp
d kenk allang dat kan ik al lang
d kenk oek dat kan ik ook
daar hei tie van of gezien daar heeft hij van af gezien
daar hejje niks mee nhoddg daar heb je niks mee te maken
daar is doen an dat is te regelen.
daar wier geen gehoor an gegeve er werd geen gehoor aan gegeven
dan bejje zhoh twhih weke ouwer voor je het weet is het twee weken later
dan ze notitie van der name dat ze aandacht hadden voor
dan mot ik weer naar stee dan moet ik weer naar huis (boerderij)
daor hekkut niet over daar heb ik het niet over
da's ook een dooilingeen saai iemand - saaie pier
da's weit weg! dat is ver weg
dat is van zin dat is van hem
dat ken ik je anrikkemederedat kan ik je aanbevelen
dat kojje daelik hore dat kan je meteen horen
dat mok hè dat moet ik hebben
dat mok oek hebbuh dat moet ik ook hebben
dat nhuk ghin mieter dat maakt geen verschil - dat doet er niet toe
dat wier dan oek gezeid dat werd dan ook gezegd
Das hum znDat is van hem
Das oek een onten vullikDat is ook een viespeuk
de aorpels overhange de aardappels opzetten
de gaord op gaen op stap gaan
de geit verweie buiten gaan plassen
de hele kiksaus de hele mikmak - alles
de maen leit op z'n rug het is afnemende maan (laatste kwartier)
de ouwe man hei me gezeid de oude man heeft mij gezegd
de pad opkorte naar huis gaan
de rezinne legge in de sukker te drivve de rozijnen liggen in de suiker.
de rust hoorweltrusten
die binne op de centuh ze zijn zuinig - gierig
die butte binne binne butte en die binne binne binne binne die buiten zijn zijn buiten en die binnen zijn zijn binnen
die haelt de paese nie die zal snel overlijden
die ik vergete binne die ik vergeten ben
die is netjes woude praete die ABN wilde praten
die is op heitertje dei die is verliefd
die zit los in dr bloessie zij is welwillend
dink dak een pessie het opgelhappe denk dat ik kou heb gevat
dink om je harses azzie de trap of gaat denk om je hoofd als je de trap af gaat
dinkie nie? denk je niet ?
d'n ete(n) (warme) middagmaaltijd
dorebeieschitters scheldnaam voor Rotterdammers
dr beure van alles er gebeurde van alles
dr deur lappe snel opmaken - verbrassen
d'r tusse-ut in de war
dr waren geen dooie bij om 't leve gekomme er zijn geen doden gevallen
dr zit een hohd op zij/hij bepaalt hoe het er aan toe gaat
drukte van komsa drukje van jewelste
een astrant mens heit een darde van de wereldeen brutaal mens heeft de halve wereld
een flinke frommes/vrommes een stevige lelijke vrouw
een kooppie hout een partijtje of bosje brandhout
een trappie lange een trapleer/ladder halen
effeh ut Spui op peil bringe veel plassen
er zit verlaop in de lucht er is onweer op komst
erreg in hebbe ergens op letten - oppassen
ete as 'n bietedelver veel en gulzig eten
fenansie zoeke zoeken om aan geld te komen
Gae ins slaeblaere haele voor de geit ga wat sla halen voor de geit
Gaen prizze het geslachte varken gaan bewonderen en proeven
Gaiestee ontspanningshuis voor soldaten
Gebraaje gebraden
gebrek krijge arm worden
gebrek laie arm zijn
geen herrie van hebbe geen problemen van hebben
geen touw an vast te knahpe geen touw aan vast te knopen
gehil gin niets
ghin kwiltje an nog helemaal gaaf
gîn aesie vet of wind geen vet aan het vlees
goeie murrege goede morgen
groas praete netjes praten (niet in dialect)
hai druk z'n aige luieren. niet meedoen
haoge baome vange vûl wind. hoge bomen vangen veel wind
hebbie al koffie ut ? heb je al koffie gedronken?
hebbie errug ? pas op - kijk uit
het hok rum hebben alleen thuis zijn
het is een rhar hushouwe het is een raar gezin.
het is zo heet, de mosse vallen van dak
Hij is net zo makkelijk as twee dooieHij maakt zich nergens druk om - nonchalant
hij hep me zogezeit in de goeie veur gedouwt in de goede richting geduwd
hij hepput oek nog gedaon hij heeft het ook nog gedaan
hij het 't d'r op staan hoor hij heeft het in zijn hoofd - in zijn agenda
Het is een hele bezoeingHet is een heel gedoe (veel werk)
hij is om booschoppe hij is boodschappen doen
Hij is te lilek om te helpen onwerenHij is erg lelijk
het likkend wel het lijkt wel
hij likken wel gek hij lijkt wel gek
hij lulde zoh ducht az kaf hij praatte druk en veel
hij lust van 't hîle verreke hij lust alles - geen moeilijke eter
Hij zit te rijen als een hond op een halve deurHij zit geen seconde stil
hoest meuguluk hoe is het mogelijk ?
hoeveul koste die dingers ? wat kost dat?
iemand het jak utborsteleniemand verwijten maken
iemands daopsîl lichte over iemand roddelen
ik bin gekke gerritje niet ik ben niet achterlijk
ik bin tende aan je einde zijn (moe van het werken)
Ik borst van de hongerik heb erge honger
ik glhaf 't al z'n dagen mijn vermoeden is heel sterk.
Ik heb net zo veel zin as een dief in 't hangenIk heb er helemaal geen zin in
ik happer zat last van gehad ik heb er veel last van gehad
Ik hep een gladde rugHet raakt mij niet
ik hepper mer tweej ik heb er maar twee
ik hesse gevonde ik heb ze gevonden
ik kennie utgekeke komme ik kom niet uitgekeken
ik kon em al toe ie nog in rokke liep ik kende hem al toe hij nog een klein kind was.
Ik leg er opAlert blijven tijdens het slapen
ik kuiere een endje met je op ik loop een stukje met je mee
ik rocht hem nog netIk raakte hem net
ik vermeen ik ben van mening
in een goeie lum zijn goedgehumeurd
in Hellevoet in De Briel prate ze stads in Hellevoetsluis en Brielle spreken ze geen dialect
in merode zijn erg arm zijn
in 't voorste binnen handbereik
În toetmen geheel hetzelfde
in zijn knolletun zijn het helemaal naar de zin hebben
in zn eigen zegge in zichzelf praten
is hier erreges een rut ut? is er hier een ruit kapot?
issie taoie over het ijs lopen totdat het kapot gaat
jassie je cente dr niet deur ? verspeel je je geld niet ?
je bin dr nog je bent er nog
je heit veul lifschaon je bent slank
je ken je eige dr ut hoor je leert jezelf wel kennen
je ken me dn bout hachele ik wil met jou niets te maken hebben.
Je ken min niet rekenenIk ben geen maatstaf
je leste centje wije geve je laatste cent geven
je mot goed errug hebbe je moet goed oppassen
je mot ze graag houden je moet niet in één keer teveel bieden. je moet ze afhankelijk houden.
je smoel op een goed plakkie hebbe goed kunnen proeven
je staat duur de hondestront te dhimmelen je trapt in de hondenstront
je zit naast je bord te dhimmelen je morst naast je bord
jongus in meides jongens en meisjes
joo bin oek 'n mooie mos jij bent ook wat moois !
junbukkers scheldnaam voor mensen van Goeree. ook Zuidland
Kik maar ut. Laa je nie afleggeKijk maar uit. Laat je niet afzetten
kik nou mar ut, hij leit zo het beentje over jekijk maar uit. Hij speelt zo de baas over je
k kriggur nate bene in ik krijg er natte benen van
k wis haast nie wak ur voor kaope mos ik wist niet wat ik kopen moest
k ziewel hoe of ik utkom ik zie wel hoe het gaat
kaik oit maid voor dat voile waif kuik uit voor die gemene vrouw
Kdog dakkie rog ik denk dat ik je heb geraakt
Keje daer gin stik board voor doen? kan je daar geen plank voor doen?
Kikkie ut ? kijk je uit ? pas je op ?
klesse as un geitestaort druk en snel praten
krig de pleuris verwensing
kweunde hier schun tegenover ik woonde hier schuin tegenover
Laat de boeren maar dorsenIk heb het goed. Mij maak je niks
laet ik oek es wat koape voor die bissies laat ik ook eens wat kopen voor die beestjes
lang me boezeroen 's effe ! pak mijn overhemd eens even
lang van vores lang van te voren
lank et is? geef het eens aan?
leut kenne hebbe plezier hebben
leve azzum prins leven als een prins
liep drek al in de gaet het liep in de gaten
lulle zhoh ducht az kaf veel en druk praten
ma'k ie is wat vertelle? mag ik je eens iets vertellen?
mangele knippe keelamandelen knippen
marlands ingels deftig praten zoals de bewoners van het Maarland in Brielle
mensenschurft is ihnder gezegd als je uit een kopje o.i.d. drinkt waar even tevoren iemand anders uit gedronken heeft.
met de zeejkel gesneje met de sikkel tarwe geoogst
met dun broek of in je blote kont
minke zinkes erge pijnscheuten (in de buik)
mis rije de mest over het land uitrijden
mis sprije mest spreiden - uitrijden
mit de kippes op stok vroeg naar bed gaan
mit min trug naar hus met mij terug naar huis
mot jee es kieke moet je eens kijken
muzze dr ut gejoge (ik heb) de muizen er uitgejaagd
Naar achtere motteNaar de WC moeten
'n blind ofneme bij het overlijden van een buur een raamluik afnemen uit eerbied
n ekster in 'n kraoi zitten niet op în nist verschil in sociale stand.
n hil halfom een heel halfombrood (tarweboem en meel)
n roer hooi een vrachtje hooi
n slok zuppe een slok drinken
'n stikkezak mit ermoe in 'n krukkie zwît zware arbeid op het boerenland
n voer (roer?) hooi een vracht hooi
na z'n toe loape naar hem te lopen
naar butte sturme naar buiten stormen
naderen opraken (als in: het nadert mit 't pleepapier)
niet voor elleven schitten en dan nog dun gierig zijn
oeke is het niet ?
of ik dat râre ete nou lus week nie of ik dat vreemde eten lust weet ik niet
om de korst gaon toestemming voor verkering vragen
onder de gebooie staan in ondertrouw zijn.
onder 't paerd z'n buk raeke zoek raken
onder 't phard z'n buk verdagen weg en/of vergeten raken
onderan de dunne duinrand
onneus komt boof oneerlijkheid komt uit
onte vulle kring vies vuil kreng
Svore en Rockanje kregen verkering en daar is Tinte uit geboren. Oostvoorne en Rockanje kregen verkering en daar is Tinte uit geboren.
op de rûtel kaope op de pof kopen
op hus an gaen naar huis gaan
op merode gaan stropen voor een borrelcentje
op sturve nae doad op sterven na dood (erg ziek)
op strang op het strand
op te kiek zetten een foto maken
op tur rokkie zitte roossies op haar rok zijn roosjes genaaid
op z'n ziel gee/krigge klappen geven/krijgen
overkrus zwieren zwierend schaatsen
pessie oplhappe kou vatten - griep oplopen
pik nog 'n blommige het pakken van een aardappel (of sigaar)
pin in me donder mijn in mijn buik
Pin an me rikPijn in mijn rug
rokkenees blivvie altid Rockanjenaar blijf je altijd
schuin op het land dwars oversteken
Slandenaar inwoner van Zuidland
slecht of gaen slechte stoelgang
soebatten smeken
spitte is un zwaer werruk spitten is zwaar werk
springe om d'n haord als er niets toe was na het eten
stikke in muh broek gaten in mijn broek
streke uthale kwajongensstreken uithalen
't ende anuitgeput
't is alle knoppies alebessenHet gaat goed met hem/haar
't is lekker lucht vandaeg lekker fris weer
t is maar tikken het duurt maar kort
'tis van min - zinhet is van mij - hem
't lik(kend) wel of we motte hoaie als er snel gegeten wordt om het werk weer te hervatten
t raem op 'n harretje het raam op een kier
t stroapte nogal het ging langzaam - het duurde lang
't wier laet het werd laat
tandere bêen het andere been
tis's huvverug koud
tjoek tjoek lokroep tegen kuikens
toen ging alles vlieges hard toen ging alles erg snel
toen konne me weer trug toen konden we weer terug
tot zn eige komme tot zichzelf komen
uk binnie gek ik ben niet gek
ur erreg in hebbe er op letten
ut giet oe goet bie als wai doet het gaat je goed bij alles wat je doet (wens)
ut monnie gekkur worre het moet niet gekker worden
ut weze op uit zijn op - iets van plan zijn
vaere koe koe aan het einde van de melkperiode
Van achtere in van voreVan achteren en van voren
van achter kiek ie een koe in z'n kont. achteraf is het makkelijk praten. vanuit de achterhoede is een grote mond ongepast.
van hier tot gunter van hier tot daar (veel over alles kletsen)
van pissebed naer kakkebed stiere van het kastje naar de muur sturen
van wie bin jee/joo d'r în ? wie is je vader ? uit welke familie kom je?
verkes prizze bekijken en keuren van pas geslacht vlees
verreke in de kup ingemaakt varkensvlees in een kuip
verschene week hakkut al wille doen ik had het vorige week al willen doen
vijf pik korte rustpauze bij werk op het land
volgens min volgens mij
voor de baet koeien van een ander verzorgen in ruil voor melk
voor dr eige voor haarzelf
voor zijn klapblaas kriggen slaap krijgen
vorse koe koe die net heeft gekalfd
vorse spinazie ut de tun verse spinazie uit detuin
vroeger wierde de verrekus gestoke vroeger werden varkens met een mes geslacht
vul wije onkruid wieden
wa doggie wat denk je ervan ?
wa schort dr an? wat is er aan de hand? wat is er mis mee?
waar schrivvie mee ? Mit een puppie krit waar schrijf je mee? met een krijtje
wah me in me jhêugd bezig hiew wat mij in mijn jeugd bezig hield
wat dinkie ? wat denk je er van?
wat sjouwie ? wat ben je aan het doen?
wat min belangt wat mij aangaat
wat tattegaat wat dat aangaat
wat verbeele ze dr aaige wel ? wat verbeeldt ze zich wel?
wel nêehnt nee hoor
We hebben zo'n dol met moeder gehadWe hebben zo'n last van moeder gehad
Werke of ie in 't angenome staetHij wil het werk snel klaar hebben
wil joo pesant effe iets lange ? wil je in het voorbijgaand nog even iets aanreiken?
zat as bespoge spek de keel uit hangen
Ze hebben 't angezeidZe hebben het voorspeld
ze waren meer dan rechtut ze voelden zich boven de gewone bevolking verheven
ze mot kenne naaie ze moet kunnen naaien
ze wier metter kont nie meer angekeke ze werd niet meer aangekeken/genegeerd
zich te borste frîte zich klem eten
zich te borste lachen lang en hard lachen
zich ut te nete werke zich uit de naad werken
z'n oage verschiete een dutje doen
zo dronkig as 'n meloet zo dronken als een Maleier - stomdronken
zo dun assum meierblaadje doorzichtig dun - versleten zijn (textiel)
zo grohs azzun bezum trots op iets zijn
zo grôôs as un aap trots op iets zijn
zo lillik as un moluk erg lelijk
zo schoon as een brandje heel erg schoon
zoa zat as utgespoge spek het hangt mij de keel uit - iets zat zijn
zoe was dettes zo wast
zoetjes an naer hus langzamerhand op huis aan gaan
zoh effe as blompap geen spier vertrekken
zonde gedaan zondig gedragen
zout as brem erg zout
zouwe ze gedaan hemme zouden ze gedaan hebben
Scheldwoorden
achterkontig achterbaks
astrantbrutaal
dorebijeschitter Rotterdammer
Dunmieren bewoners van de duinen
Gorseboeren bewoners van het Gors in Oostvoorne
Grippeschitters inwoners van Rockanje
Kouwen inwoners van Oostvoorne
Kraaien inwoners van Oostvoorne
taddek viespeuk
urkedurker vreemd persoon
vrommes grove lelijke vrouw
vulle kring viespeuk
warpook lastig persoon